|
De planten en de dieren van Khao Sok Nationaal parkMet Thailand online verblijf je diep in het regenwoud van Khao Sok, in onaangetaste jungle. Je logeert in een jungle cottage omringd door torenhoge woudreuzen en bij start in Suratthani, ook een nacht in een drijvend huisje op een stuwmeer. Overdag wandel je onder begeleiding van een gids door het woud en maak je een boottocht langs kalkstenen rotsformaties en dichtbegroeide oevers. Aapjes komen hier regelmatig tevoorschijn. Klik hier voor de dag tot dagbeschrijving van de bouwsteen Woudreuzen en Meren. Je kunt je eigen reis samenstellen aan de hand van verschillende bouwstenen, klik hier voor het bouwstenen overzicht of kies voor een individuele rondreis waarbij wij afwisselende routes hebben samengesteld. |
De planten en de dieren van Khao Sok Nationaal park [1]
Met Thailand online verblijf je diep in het regenwoud van Khao Sok, in onaangetaste jungle. Je logeert in een jungle cottage omringd door torenhoge woudreuzen en bij start in Suratthani, ook een nacht in een drijvend huisje op een stuwmeer. Overdag wandel je onder begeleiding van een gids door het woud en maak je een boottocht langs kalkstenen rotsformaties en dichtbegroeide oevers. Aapjes komen hier regelmatig tevoorschijn. Klik hier voor de dag tot dagbeschrijving van de bouwsteen Woudreuzen en Meren.
Het Khao Sok Nationaal Park bestaat uit een semi-evergreen regenwoud. Dit is een soort tussenvorm tussen de drogere bossen van Centraal Thailand, zoals de nationale parken van Kanchanaburi en de evergreen regenwouden van West-Maleisië. Semi-evergreen houdt in dat er bomen bij zijn die hun blad verliezen in de droge tijd wat voor voorjaars/herfstachtige effecten zorgt.
| De meeste dieren zijn zeer schuw en laten zich niet makkelijk zien. Ze leven bijvoorbeeld in de toppen van de bomen, zoals eekhoorns en apen, of ze zijn alleen ‘s nachts actief, zoals stekelvarkens en vleermuizen. Bovendien zijn er hordes kleinere dieren met een goede schutkleur zoals reptielen (hagedissen, slangen) die, als ze te laat zijn om zich ongemerkt uit de voeten (poten of buikspieren) te maken, rustig op hun plek blijven, vertrouwend op hun schutkleur. Trouwens, apen zul je vast wel zien als je de Khao Sok bouwsteen boekt, met een beetje geluk kun je ze vanaf je boomhut bespieden. Horen zul je ze zeker want ze hebben geen last van vocale verlegenheid; er valt geregeld wat te schreeuwen als je aap bent. |
Veel nadrukkelijker aanwezig is wel het planten- en insectenarsenaal van een oerwoud. Ook aan vogels en ongewervelde dieren is absoluut geen gebrek. Hieronder zal op de planten, insecten, ongewervelde dieren en vogels worden ingegaan.
Planten
Zoals verwacht struikel je in een oerwoud letterlijk over de planten maar… niet alleen de kwantiteit is indrukwekkend; het verbazingwekkende is vooral de diversiteit van de flora. Een voorbeeld: 1 hectare Europees bos bevat ca. 12 boomsoorten; 1 hectare tropische regenwoud bevat al snel meer dan 250 boomsoorten. In al het nog overgebleven regenwoud dat de aarde bedekt, bevindt zich meer dan 50% van alle plantensoorten op aarde.
Twee bijzondere veel voorkomende oerwoudbomen zijn bomen met steunbeerwortels en wurgbomen (van het Ficus-geslacht). De steunbeerwortels vormen zich tot een soort verticale steunschotjes die voorkomen dat de boom met korte wortels (de humuslaag in de junglegrond is vaak zeek ondiep) niet omvalt. De wurgbomen zijn wat minder self supporting en wurgen hun gastboom langzaam om zelf hoger te komen en meer zonlicht te vangen.
Ook lianen zul je veel zien. Lianen zijn planten die als een soort houten touw via een rots of een via een boom omhoogkruipen en pas bovenaan bladeren maken. Een pas ontkiemde liaan kruipt in het begin van zijn bestaan soms wel 5 cm per dag. Deze houtige delen dienen alleen voor watertoevoer naar de bladeren bovenin; ze kunnen tot 20 cm dik worden en kronkelen vaak mooi grillig omhoog, een droom voor elke Tarzan en Jane!
Dan zijn er ook nog de parasitaire planten zoals de zeldzame Rafflesia: een parasiet die met schimmelachtige draden in lianen huist. De bloem die hieruit voortkomt is wel 70 cm breed! (Rafflesia Kerrii). Epifyten zijn planten die wel op een andere plant leven maar deze geen schade toebrengen, zoals orchideeën en (hertshoorn)varens.
Insecten
Aan insecten geen gebrek in Khao Sok: vooral mieren en termieten zul je aan het werk zien. Termieten zijn diertjes die veel op mieren lijken maar er geen familie van zijn. Ze zijn heel belangrijke “hout-stofzuigers” en breken al het dode hout snel en efficiënt af. Van sommige soorten zul je hun woning tegenkomen: het zijn met aarde gebouwde termietenheuvels. Ook zul je over hun snelwegen stappen, dat zijn aarden tunneltjes over de grond.
De insecten die in Khao Sok het nadrukkelijkst aanwezig zijn, zijn de cicaden (behorende tot de halfvleugeligen). In koren “zingen” ze om het hardst en het lijkt alsof ze een elektrische zaag imiteren. “De cicade is in feite het bovengrondse voortplantingsstadium dat slechts enkele maanden leeft. De nymfen die zich uit hun eieren ontwikkelen leven vele jaren onder de grond voordat ze zich tot cicade metamorfoseren”.
Bloedzuigers
Vooral in het natte seizoen bevinden zich in het regenwoud veel bloedzuigers. Deze 2-3 cm grote dunne grijs/witte wormpjes hebben het vooral gemunt op de enkels en voeten van voorbijgangers. Ze staan op hun achterste je op te wachten op het pad. Bij de eigenaresse van de boomhutten of haar staf kun je sokken kopen waar de diertjes niet door- of omheen kunnen. Je draagt ze over je eigen sok in je schoen. Met een touwtje bind je de sok onder de knie. Een andere manier om de diertjes te weren is ze aan te stippen met een brandende sigaret, zout, azijn of een muggenwerend middel. Tabak met zout in je sok stoppen is ook een probaat middel. Een bloedzuiger kruipt met behulp van warmtesensoren naar een warmbloedige en zuigt zich op de huid (pijnloos!) vol. Nadat hij is volgezogen laat hij zich vallen op de grond. Ze zijn absoluut niet gevaarlijk en dragen geen ziektes over! Het is wel zo dat het wondje een tijdje kan blijven bloeden omdat de beestjes een soort anti-stollingsmiddel gebruiken (denk aan je kleding). Een bloedzuiger kan als hij zich heeft volgezogen weer 6 maanden leven.
Vissen, amfibiën en reptielen
Ook leven er bijzondere vissen in Khao Sok, waaronder een zoetwater pufferfish (Arothron). Deze vis geldt voor Japanners, mits goed schoongemaakt, als een delicatesse. Als de vis niet goed is schoongemaakt is hij dodelijk. In Japan krijgen koks hier een speciale training voor maar desondanks sterven er jaarlijks nog mensen aan het nuttigen van deze vis.
Ook zitten er in Khao Sok amfibieën en reptielen, zoals boomkikkers en slangen. Een aantal soorten slangen zijn: de netpython en de ratteslang (niet giftige wurgslangen die zich in het algemeen niet vergrijpen aan een mens), de Maleisische pitviper, cobra, koningscobra en de “krait” (gifslangen). Deze laatstgenoemde slang heeft de gewoonte ‘s avonds op paden te gaan liggen. Het is daarom verstandig dichte schoenen te dragen en ‘s avonds niet te sluipen over de paden. Toch is de kans erg klein dat je door een slang wordt gebeten. Sjon Hauser meldt in zijn boek “Spotlights op Thailand uit 1997” dat sinds een jaar of 20 er bij zijn weten maar 1x een reiziger door een slang gebeten is. Dit gebeurde middenin Bangkok; de betreffende persoon kon snel geholpen worden.
Vogels Er zitten veel vogels in Khao Sok, maar je ziet ze niet altijd. Een wel erg nadrukkelijk aanwezig exemplaar is de neushoornvogel, waar verschillende geslachten van zijn. De grote neushoornvogel (Buceros Bicornis) is echt enorm groot; het mannetje kan wel 130 cm lang worden. De snavel en kam zijn oranje/geel. De vogel smeert zichzelf in met deze kleurstof die hij zelf met zijn anaalklier produceert. Zijn verentooi is zwart/wit. Na het nestseizoen (juni) zijn deze vogels een aantal maanden niet waar te nemen. Het is een mysterie waar ze in die periode verblijven. Zoogdieren De meest voorkomende zoogdieren zijn eekhoorns, vliegende eekhoorns en vleermuizen. Tijdens een nachtwandeling heb je kans een “deer mouse” (kantji) te zien. Wij zelf hebben ‘s avonds een aantal stekelvarkens gezien. ‘s Ochtends zijn vaak hun lange stekels op het pad een stille getuige van hun aanwezigheid. |
|
Er zitten volgens de laatste gegevens (1997) nog een aantal luipaarden, en misschien nog tijgers, maar dat is niet zeker.

